CultuurContactpunt Vlaanderen - Departement Cultuur, Jeugd, Sport en Media
contact |     | ga naar:  cultuur    jeugd    sport    media
 
U bent hier: CJSM > CultuurContactpunt > Cultuur (2007-2013) > acties > luik 1.3
 
 

 

 
 
portaal Vlaamse overheid

Luik 1.3: Samenwerkingsacties met derde landen

 

Deze actie richt zich tot de ondersteuning van culturele samenwerkingsprojecten tussen minimum drie landen die aan het Cultuurprogramma (2007-2013) deelnemen plus minimum één derde land dat met de Europese Unie een associatie- of samenwerkingsovereenkomst heeft gesloten.

 

Doel van deze actie is om de Europese samenwerking te versterken binnen een wereld waarin globalisering steeds belangrijker wordt en om partners uit een gastland te bereiken die zich eveneens inzetten voor de interculturele dialoog. Minimaal 50% van de projectactiviteiten moeten plaatsvinden in het gastland. Bij aanvang van elk nieuw kalenderjaar maakt de EU haar keuze van het gastland voor de volgende actie bekend.

 

In het beleidsplan van de Europese Commissie staat 2010 in het teken van de samenwerking met EU-buurlanden (ENP European Neighbourhood Policy). Volgende gastlanden komen in 2010 in aanmerking voor de actie Luik 1.3: Armenië, Wit-Rusland, Georgië, Moldavië, Egypte, Tunesië, Jordanië, Palestijnse bezette Gebieden. Voor 2011 wordt Mexico de speciale samenwerkingspartner. In 2012 wordt bijzondere aandacht aan de samenwerking met Zuid-Afrika besteed.

 

De actie moet een reële internationale samenwerkingsdimensie creëren en de helft van de culturele activiteiten moet zich ontplooien in het geselecteerde derde land.

 

De financiële steun bedraagt minimaal 50.000 EUR en maximaal 200.000 EUR, maar de communautaire steun kan niet meer dan 50% van de totale subsidiabele kosten bedragen.

 

Algemene voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor deze cultuursubsidies moeten de samenwerkingsprojecten aan de volgende criteria voldoen:

  • transnationale mobiliteit ondersteunen van personen die werken in de culturele sector;
  • transnationale circulatie aanmoedigen van kunstwerken, artistieke en culturele producties;
  • interculturele dialoog promoten;
  • sectoroverschrijdend samenwerken;
  • interdisciplinaire benadering stimuleren: projecten. mogen zich situeren binnen elke kunstdiscipline (behalve audiovisuele kunsten) of mogen verschillende kunstdisciplines combineren (multidisciplinaire projecten). Er zijn geen aparte richtlijnen per kunsttak;
  • Europese meerwaarde bieden: projecten moeten een specifieke Europese toegevoegde waarde bieden, bijvoorbeeld door Europese integratie en burgerschap te bevorderen (een tournee van een louter Vlaamse tentoonstelling of voorstelling komt niet in aanmerking);
  • Projecten mogen niet winstgevend zijn.
  • Projecten kunnen van de EU Cultuur-subsidielijn maximum 50% van het totale budget ontvangen. Deze financiële steun kan enkel gebruikt worden om directe projectkosten te financieren, NIET voor het bouwen of aankopen van nieuwe uitrusting;
  • minimum 2 jaar internationale projectervaring.

 

 

Selectiecriteria

  • Europese toegevoegde waarde: score 4!
  • Internationale dimensie: score 4!
  • Kwaliteit
  • Innovatie en creativiteit
  • Duurzaamheid
  • Zichtbaarheid

 

 

Financiële en juridische aspecten

Samenwerkingsovereenkomst

Elke actie moet in de vorm van een partnerschap worden opgezet en uitgevoerd door het vereiste aantal culturele actoren uit het vereiste aantal deelnemende landen, ongeacht of deze actoren uit een of meer sectoren afkomstig zijn. De samenwerkingsprojecten moeten gebaseerd zijn op een samenwerkingsovereenkomst, namelijk een gemeenschappelijk document met erkende juridische vorm, dat door alle deelnemende organisatoren ondertekend wordt.

 

Financiële verantwoordelijkheid

Elk project moet aan de vooropgestelde normen van financiële onafhankelijkheid, rentabiliteit, cofinancieringcapaciteit, managementcapaciteit (non-profit) voldoen. Bij het onderzoek van het financiële vermogen wordt rekening gehouden met de financiële betrouwbaarheid van de aanvrager, voortvloeiend uit zijn normale bedrijfswerkzaamheden. Hetzelfde principe geldt voor de cofinancieringcapaciteit.

 

Projecten in het kader van het Cultuurprogramma (2007-2013) mogen niet winstgevend zijn. De tussenkomst door EC kan nooit meer dan 50% bedragen. Er wordt geen uitzondering gemaakt op deze regel. Bij het opmaken van het budgetplan is het daarom aangeraden om een realistische en nauwkeurige raming van de begroting na te streven (niet te veel, ook niet te weinig).

 

Alleen de projectleider draagt de volledige financiële verantwoordelijkheid. Hij ontvangt de subsidie vanwege de Europese commissie en wordt verondersteld om de financiële middelen onderling te verdelen in verhouding tot de gemaakte kosten. Belangrijk zijn de goede afspraken tussen hoofd- en co-organisatoren, zowel met betrekking tot de praktische zaken als tot de vergoeding van de ingebrachte kosten. De EC vraagt om een gedetailleerd financieel overzicht te maken, waarbij ook de medeorganisatoren in staat moeten zijn om de nodige details en facturen te verstrekken.

 

Bankwaarborg

De Europese Commissie mag van elke organisatie die een subsidie ontvangen heeft, verlangen dat ze op voorhand een waarborg geeft. Deze vereiste staat onafhankelijk van de gevraagde subsidiesom.

 

Wettelijk statuut

Het statuut van een organisatie is het statuut dat bij wet is vastgelegd en op basis waarvan de organisatie werkzaam is of met andere organisaties zaken doet.

 

Rechtspersoon

Een rechtspersoon is een juridisch lichaam dat bij wet gemachtigd is om in rechte op te treden.

 

Rechtspersoonlijkheid en juridische entiteit

Rechtspersoonlijkheid en juridische entiteit moeten als synoniemen beschouwd worden. Beide termen moeten begrepen worden als het vermogen van een juridisch lichaam om contracten af te sluiten (met andere organisaties of individuen), financiële verplichtingen aan te gaan en schulden af te betalen. Dit juridische lichaam moet onafhankelijk (juridische identiteit) opereren van zijn leden die bij de onderneming kunnen betrokken zijn.

 

Opmerking: Alle projectleiders en medeorganisatoren moeten een volwaardige rechtspersoon zijn. Indien dit niet het geval is, bijvoorbeeld bij een juridische structuur in oprichting, dan is het mogelijk dat het project niet in aanmerking komt voor subsidies.

 

 

Aanvraagdocumenten

De aanvraagdocumenten (nieuw venster) vindt u op de website van de Europese Commissie.

 

 

Samenvattende tabel luik 1.3

 

Samenwerkingsprojecten met derde landen

Aantal geselecteerde projecten per jaar

 6-tal

Begroting 2009 1.024.000 EUR

Projectbudget

 

EU subsidie
( ≤ 50%)

100.000 - 400.000 EUR

 

50.000 - 200.000 EUR per project
De betaling gebeurt in twee termijnen:

  • 70% van de totale subsidie wordt betaald binnen de 45 dagen nadat de Europese Commissie haar schriftelijk akkoord heeft overgemaakt aan de projectleider.
  • De overige 30% wordt uitbetaald in functie van de goedkeuring van het activiteitenverslag en de financiële verslagen.

Prioriteit

  • Acties beogen een reële Europese én internationale meerwaarde via aandacht voor een mondiale interculturele dialoog
  • Minimaal 50% van de projectactiviteiten moeten plaatsvinden in het gastland

Aantal operatoren

Min. 3 deelnemers uit minstens drie Europese landen (waarvan één projectleider) + min. 1 partner/co-organisator uit het gastland

Projectduur

Maximum 24 maanden

Deadline aanvraag

1 mei
de deadline is uitzonderlijk met twee dagen verlengd van 1/05/2010 naar 3/05/2010

Bekendmaking Resultaten

30 september van hetzelfde jaar

Aanvang project

1 november, na ontvangst van het contract